Voor de Textielarbeider “van katoenbol naar katoenrol”
De textielindustrie markeert het bestaansrecht van Nijverdal. Een naam bedacht door de Nederlandsche Handel-Maatschappij, die op 14 mei 1836 besloot dat, daar waar nijverheid in het dal van de Regge een paar jaar ervoor is gestart, het dorp Nijverdal moet gaan heten. Duizenden textielarbeiders hebben in de textielfabrieken gewerkt. Er werd gesponnen, gebleekt en geweven.
De stoffen vonden hun weg via de Regge naar de hele wereld, vooral naar Indonesië en andere landen in Azië.
Nu anno 2026 – 190 jaar later – kan dankzij het menselijk innovatief vermogen de toekomst van onze plaatselijke textielindustrie met vertrouwen tegemoet worden gezien.
Vandaag de dag bestaan de fabrieken nog steeds, maar wordt op een eigentijdse wijze gewerkt. De garens worden gemaakt van kunststof voor onder andere het kunstgras en veiligheidsdoeleinden. De stoffen zijn hoogwaardige brandwerende en beschermende stoffen voor brandweer en militairen. Composieten worden in de vliegtuig- en auto-industrie gebruikt.
De muur achter het beeld is een kopie van de muur aan de Salomonsonstraat; een muur van de fabriek waar nu nog kunstgras wordt gemaakt, maar in de toekomst een woonwijk wordt.
27 juni 2026

